De smartphone – deel 2 (11-09-2025)

  1. Een smartphone is eigenlijk een klein/kleine computer.
  2. Het is een klein/kleine computer met veel functie.
  3. Ik vinden het vooral erg praktisch dat je iemand snel een berichtje kunnen sturen.
  4. Zo kunnen iedereen mij snel bereiken om een afspraak te maken voor een lesje, of om een lesje te verschuiven.
  5. Onderweg brauche (Übersetzung ins NL) je ook geen laptop bij je te hebben om op de hoogte te blijven ( = auf dem Laufenden zu bleiben) van wat er in de wereld gebeuren.
  6. Ik lezen altijd het nieuws op mijn/mijne/mijnem smartphone wanneer ik in de trein zitten.
  7. Altijd een smartphone bij je te hebben betekenen ook, dat je altijd bereikbaar zijn.
  8. Dat is niet altijd etwas Positives (Übersetzung ins NL).
  9. Wie kennen het bijvoorbeeld niet, dat de baas je berichtje sturen over het werk, terwijl je op vakantie zijn ?
  10. Er is/zijn echter wel steeds veel (Steigerungsform) mensen dat/die niet op hen/hun smartphoneschermen willen kijken, wanneer ze op vakantie zijn.
  11. Dat vinden ik een goed/goede ontwikkeling, omdat/want je moeten soms afstand nemen van jou/jouw werk.
  12. Het lukken echter niet iedereen, om de smartphone een dagje te laten liggen.

Laisser un commentaire

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.