
- Na/Naar de basisschool beginnen je als leerling aan een nieuw/nieuwe avontuur op de middelbare school.
- Middelbare school zijn vaak groot (Steigerungsform) als/dan basisschool.
- De meest/meeste middelbare school bevinden zich in de klein/kleine en groot/groote/grote stad.
- Kind dat/die op het platteland wonen, hebben vaak een lang/lange reistijd.
- Een kind dat/die geluk heeft, kunnen met de bus of met de trein na/naar school gaan.
- Helaas is/zijn er niet in al/ale/alle dorpen bus- en treinverbindingen.
- Veel kind gaan dan ook op de fiets na/naar school.
- De meest/meeste weg in Nederland zijn gelukkig vlak.
- Het kosten daardoor niet veel moeite, om van A na/naar B te fietsen.
- Toch brengen veel ouders hen/hun kind (Plural) met de auto na/naar school.
- Ik wonde/wonte/woonde/woonte in de buurt van mijn/mijne/mijnen middelbare school.
- Ik kunnen (Imperfekt) de school zien vanuit mijn/mijne/mijnen slaapkamerraam.
