- In het zuiden van Nederland hoeven de kinderen deze week niet naar school te gaan.
- De scholen zijn gesloten, omdat het herfstvakantie is.
- De herfstvakantie duurt 1 week.
- In Duitsland duurt de herfstvakantie 1 week langer dan in Nederland.
- In het noorden en in het midden van het land is de herfstvakantie nog niet begonnen.
- Volgende week is het in deze regio’s herfstvakantie.
- De herfstvakantie wordt ook wel de ‘najaarsvakantie’ genoemd.
- De herfstvakantie biedt volop mogelijkheden om leuke dingen te doen.
- Ik vind het bijvoorbeeld leuk om in de herfstvakantie boswandelingen te maken.
- Ik heb tot nu toe iedere herfstvakantie meerdere keren in een bos gewandeld.
- Ik ga dan niet naar bossen in het buitenland; ik blijf in Nederland.
- Op vakantie gaan naar het buitenland doe ik liever in de zomer.
